Eikenblad kan prima in de composthoop, maar het is het traagste blad dat je tuin oplevert. Waar blad van een berk, linde of es in zes tot negen maanden verteerd is, heeft eikenblad in een gewone hoop anderhalf tot twee jaar nodig. Dat komt door het hoge gehalte aan looizuur en lignine, dat bacteriën en wormen afremt. Versnipperen, mengen met groen materiaal en het blad vochtig houden brengt die tijd terug naar ongeveer een jaar. Wie het blad apart in een bladkorf zet, krijgt uiteindelijk de mooiste bladaarde die er is, alleen wat later.
Waarom eikenblad zo langzaam verteert
Bladeren van de eik bevatten veel tannine, het looizuur dat de boom beschermt tegen vraat, en een dikke waslaag die vocht buiten houdt. Beide zorgen ervoor dat de micro-organismen die de compost op gang brengen maar moeizaam vat krijgen op het blad. Daar komt bij dat eikenblad droog en taai is en in een hoop makkelijk een dichte, plakkerige laag vormt waar geen lucht meer bij komt. Zonder lucht stopt het composteringsproces vrijwel helemaal en krijg je een zure, natte koek in plaats van compost.
Het looizuur maakt eikenblad in het begin ook licht zuur. Een hoop die voor het grootste deel uit eikenblad bestaat, kan daardoor een pH van rond de 4,5 tot 5 krijgen. Dat is voor de meeste tuinplanten te laag, maar het is precies wat rododendrons, blauwe bessen en heide graag hebben. De zuurgraad neutraliseert naarmate het blad verder verteert.
Zo versnel je het proces
De belangrijkste stap is versnipperen. Rijd met de grasmaaier over het bijeengeharkte blad of gebruik een bladblazer met zuigfunctie; de stukjes worden dan tien keer zo snel afgebroken als heel blad. Meng vervolgens ongeveer twee delen eikenblad met één deel groen, stikstofrijk materiaal: grasmaaisel, keukenafval, koffiedik of oude plantenresten uit de border. Het groene materiaal levert de stikstof die bacteriën nodig hebben om het taaie blad aan te pakken.
Houd de hoop vochtig als een uitgeknepen spons. Eikenblad is van zichzelf droog en zuigt vocht slecht op, dus een emmer water bij het opzetten is geen overbodige luxe. Keer de hoop in het voorjaar één keer om, en je hebt tegen de volgende herfst een grove maar bruikbare compost. Een handvol tuinkalk door de hoop haalt de zuurgraad wat omhoog en helpt de wormen op weg.
Bladkorf: de rustige route
Heb je veel eikenblad, bijvoorbeeld van een grote boom bij de buren, zet het dan apart in een bladkorf van gaas van ongeveer een kubieke meter. Daar hoeft het blad niet gemengd te worden; het verteert vooral door schimmels in plaats van bacteriën, en dat is een traag maar zelfstandig proces. Na twee jaar haal je onderuit donkere, kruimelige bladaarde die perfect is als bodemverbeteraar of als mulch onder zuurminnende planten. Het enige wat je hoeft te doen, is het blad in een droge herfst af en toe nat maken.
Wat je beter niet doet
Gooi niet alle eikenblad in één keer bovenop een bestaande composthoop. Een laag van 30 centimeter heel eikenblad sluit de hoop af en zet het proces eronder stil. Werk het blad in dunne lagen van 5 tot 10 centimeter af met groen materiaal. Blad met duidelijke schimmelplekken of galappels mag gewoon mee; de temperatuur in een goed werkende hoop doodt de meeste ziekteverwekkers en galwespen hebben op compost geen invloed.
Laat een deel gewoon liggen
Niet al het eikenblad hoeft naar de hoop. Onder heesters en in de border is een laag van 5 centimeter eikenblad een prima wintermulch: het beschermt de bodem tegen vorst, houdt onkruid tegen en biedt egels en insecten een schuilplaats. In het voorjaar is het grootste deel door wormen de grond in getrokken. Alleen op het gazon en op paden hark je het weg, want daar smoort het het gras en wordt het glad.